Skip Ribbon Commands
Skip to main content
NL FR EN

 Mogelijke bestraffing

 Les sanctions encourues

 Possible punishment

Het bezit, de productie, de handel, de import, de export en de verkoop zonder verzwarende omstandigheden van illegale drugs andere dan cannabis (cocaïne, heroïne, ecstasy, amfetamines, ….) wordt door de Belgische wetgeving bestraft met een gevangenis straf van 3 maanden tot 5 jaar en een bijkomende geldboete van 1000 tot 100000 euro. De duur van de gevangenis straf kan opgetrokken worden tot 10, 15 of 20 jaar indien verzwarende omstandigheden werden vastgesteld. Deze verzwarende omstandigheden hebben betrekking op minderjarigen, de gevolgen van het misdrijf (een ongeneeslijke ziekte, een blijvende arbeidsongeschiktheid, het verlies van een orgaan, verminking en de dood) en de context van het misdrijf (namelijk een deelnemer of leider zijn van een vereniging). In deze situaties is de geldboete niet verplicht. 
De straffen die hierboven zijn vermeld zijn ook van toepassing wanneer het gaat om a) het bezit van meer dan 3 gram cannabis of meer dan 1 plant, handel, import, export of verkoop van cannabis, b) iemand aanzetten tot druggebruik of het druggebruik vergemakkelijken, c) het misbruik in het voorschrijven, toedienen of het afleveren van slaap- en verdovende middelen of psychotrope stoffen door beoefenaars van de geneeskunst.

Sinds 2003 heeft het OM de mogelijkheid om de laagste prioriteit te geven aan het bezit van een ‘gebruikershoeveelheid’ cannabis (gedefinieerd als hoeveelheiden tot 3 gram of gelijk aan 1 cannabis plant) indien er geen aanwijzingen zijn van dealen, verkoop of overlast. In deze situaties kan het OM beslissen om niet te vervolgen of om een geldboeten van 15 tot 25 euro op te leggen. Deze veroordeling kan oplopen tot een geldboete van 26 tot 50 euro indien er sprake is van herhaling binnen het jaar na de eerste veroordeling of tot een gevangenis straf van 8 dagen tot een maand en een geldboete van 50 tot 100 euro indien er sprake is van herhaling binnen het jaar na de tweede veroordeling. Een gevangenis straf van drie maanden tot 1 jaar en/of een geldboete van 1000 tot 100000 euro wordt opgelegd indien de openbare orde wordt verstoord. ‘Overlast’ wordt gedefinieerd als het bezit van cannabis in a) een strafinrichting, b) (de buurt van) een school of c) een publiek gebouw of openbare plaatsen.

De drugwetgeving voorziet bijkomende specifieke bepalingen:
  • de mogelijkheid een ontzetting of beroepsverbod uit te spreken;
  • een tijdelijke of definitieve sluiting van een uitgaansgelegenheid;
  • verbeurdverklaring;
  • opschorting, uitstel en probatie (probatie heeft een lange geschiedenis in het Belgische strafrechtsysteem en kan opgelegd worden sinds (B.S./M.B. 17.07.1964));
  • bestuurlijke sluiting van a uitgaansgelegenheid;
  • bestuurlijke arrestatie van een druggebruiker.
Naast deze straffen die in de drugwetgeving staan beschreven zijn alternatieve straffen, zoals bemiddeling in strafzaken, elektronisch toezicht en de autonome werkstraf toepasbaar in verschillende stadia van het strafrechtelijk systeem. Alternatieve straffen in het algemeen en voor druggebruikers in het bijzonder worden gestimuleerd door o.a. de interministeriële conferentie drugs. Het OM of de rechter hebben de mogelijkheid in bepaalde omstandigheden ( bijvoorbeeld bij een meerderjarige, een maximum straf van 5 jaar, …) een alternatieve maatregel voor te stellen (op het niveau van het OM) of op te leggen (op niveau van de rechtbank). Het OM en de rechter kunnen ook voorwaarden opleggen waaraan voldoen moet worden. Deze voorwaarden kunnen o.a. betrekking hebben op het volgen van een drugsbehandeling. Maar aangezien een groot aantal daklozen, laag geschoolden of werklozen betrokken zijn bij drugsgerelateerde criminaliteit, kan het strafrechtelijk systeem ook voorwaarden opleggen die betrekking hebben op werk, scholing en huisvesting (al dan niet samen met drugsbehandeling).

Drie pilootprojecten specifiek gericht op druggebruikers die criminaliteit pleegden (exclusief georganiseerde criminaliteit) werden de afgelopen jaren in het strafrechtelijk systeem geïmplementeerd met als doel deze personen door te verwijzen naar de hulpverlening. Het betreft de pilootprojecten op het niveau van het OM in het gerechtelijk arrondissement van Luik (‘Conseiller stratégique Drogue’) en Gent (‘proefzorg’) en het pilootproject ‘drugsbehandelingskamer’ (DBK) op het niveau van de rechtbank in het gerechtelijk arrondissement van Gent.​
​​​​​​​​​​​​
La détention, la fabrication, le commerce, l'importation, l’exportation et la vente, sans circonstance aggravante, de drogues illégales autres que le cannabis (cocaïne, héroïne, ecstasy, amphétamines…) sont punis par la loi belge d’une peine d’emprisonnement allant de 3 mois à 5 ans et d’une amende d’entre 1000 et 100 000 euros. La durée de la réclusion peut atteindre 10, 15 ou 20 ans si des circonstances aggravantes sont constatées. Celles-ci sont de natures diverses: 1) âge de la cible (faits commis à l’égard de mineurs); 2) conséquences des actes (maladie incurable, incapacité de travail de longue durée, perte de l’usage d’un organe, mutilation grave ou décès) et 3) contexte de l’infraction (participation à une association en tant que simple membre ou en tant que dirigeant). L’amende n’est pas systématique. 
Les peines susmentionnées s’appliquent également en cas a) de détention de plus de trois grammes ou de plus d’un plant de cannabis et en cas de commerce, d’importation, d’exportation ou de vente de cannabis, b) d’incitation à l'usage de drogues ou de facilitation de cet usage et c) de prescription, d’administration ou de délivrance abusive, par des praticiens de l’art de guérir, de médicaments contenant des substances soporifiques, stupéfiantes ou psychotropes.

Depuis 2003, le ministère public peut conférer à la détention de cannabis 'à usage personnel' (trois grammes maximum ou une plante cultivée) la plus « faible priorité de la politique des poursuites », en l’absence d’indications de trafic, de vente ou de trouble à l’ordre public. Si toutes les conditions sont réunies, le ministère public peut décider de ne pas poursuivre l’auteur des faits ou de prononcer une amende allant de 15 à 25 euros. La condamnation peut consister en une amende de 26 à 50 euros en cas de récidive dans l’année de la première condamnation ou en un emprisonnement de 8 jours à un mois et une amende de 50 à 100 euros en cas de nouvelle récidive dans l’année de la deuxième condamnation. En cas de trouble à l’ordre public, une peine d’emprisonnement de trois mois à un an et une amende de 1000 à 100 000 euros peuvent être prononcées. On définit le 'trouble à l’ordre public' par la détention de cannabis : 1) dans un établissement pénitentiaire, 2) aux environs ou au sein d’une école ou 3) dans un lieu public ou un endroit accessible au public.

La législation sur les drogues prévoit également certaines dispositions particulières :
  • ​interdiction d’exercer;
  • fermeture temporaire ou définitive d’un lieu de loisir;
  • confiscation; 
  • suspension, sursis et probation (la probation existe de longue date dans le système pénal belge et s’applique conformément aux dispositions de la loi publiée au M.B. du 17.07.1964);
  • fermeture administrative d’un lieu de loisir;
  • arrestation administrative d’une personne sous l’influence.
​Outre ces peines décrites dans la législation sur les drogues, des peines alternatives, comme la médiation pénale, la surveillance électronique et le service communautaire autonome s’appliquent également à différents stades du système pénal. Ce type de peines (de manière générale ou de manière spécifique pour les usagers de drogues) sont encouragées, notamment par la conférence interministérielle Drogues. Sous certaines conditions (personne majeure, peine maximale de 5 ans, etc.), le ministère public et le juge ont la possibilité de proposer (MP) ou d’imposer (tribunal) une mesure alternative. Ils peuvent également fixer des conditions à satisfaire. S’il peut simplement s’agir, par exemple, du suivi d’une thérapie de désintoxication, il peut également être question (en sus de l’obligation de traitement ou non) de conditions liées au travail, à l’éducation et au domicile, étant donné le grand nombre de personnes sans-abri, peu éduquées ou sans emploi impliquées dans la criminalité associée à la drogue.

Trois études pilotes spécifiquement axées sur les toxicomanes qui se sont rendus coupables de faits criminels (en dehors de la criminalité organisée) ont été lancées ces dernières années au sein du système pénal afin d’adresser ces personnes au traitement. Un projet a été mené au niveau du MP de l’arrondissement judiciaire de Liège (« Conseiller stratégique Drogue »), un au niveau du MP de l’arrondissement de Gand (« proefzorg ») et un par le tribunal de l’arrondissement de Gand (« drugsbehandelingskamer » ou DBK).
The possession, production, trade, import, export and sale without aggravating circumstances of illicit drugs other than cannabis (cocaine, heroin, ecstasy, amphetamines ...) is punishable by Belgian law with a prison sentence ranging from 3 months to 5 years, and an additional fine of 1,000 to 100,000 euros. The duration of the prison sentence may be increased to 10, 15 or 20 years if aggravating circumstances have been found. These aggravating circumstances are related to minors, the consequences of the crime (an incurable illness, permanent disability, loss of body parts, mutilation and death) and context of the offense (i.e. a participant or leader of an association). 
Penalties specified above are also applicable in the case of a) possession of more than 3 grams of cannabis, or more than one plant, and trade, import, export or sale of cannabis, b) facilitating drug use, and c) abuse in prescribing, administering or dispensing sleeping pills and narcotic drugs or psychotropic substances by practitioners of medicine.

Since 2003, the Public Prosecutor provides the opportunity to give the lowest priority to the possession of a user quantity of cannabis (defined as a maximum of 3 grams, or one cannabis plant) if there is no evidence of drug dealing, sales or nuisance. In these situations, the public prosecutor may decide not to prosecute or impose a fine of 15 to 25 euros. This sentence can increase to a fine of 26 to 50 euros if there is a recurrence within one year after the first conviction or a prison sentence of eight days to one month and a fine of 50 to 100 euros if there is repetition within one year after the second conviction. A prison sentence of three months to one year and/or a fine of 1,000 to 100,000 euros will be imposed if public order is disturbed. 'Nuisance' is defined as the possession of cannabis in a) a prison b) (near) a school or c) a public building or public places.

The drug legislation provides additional specific provisions:
  • ​​The ability to express an expulsion or disqualification;
  • A temporary or permanent closure of an entertainment venue;
  • Confiscation;
  • Suspension, deferment and probation (probation has a long history in the Belgian criminal justice system and can be imposed since RD 07.17.1964);
  • Administrative closure of an entertainment venue;
  • Administrative arrest of a drug user

In addition to these penalties described in the drug legislation, alternative sentences such as mediation in criminal cases, electronic surveillance and autonomous community service applied at various stages of the criminal justice system. Alternative sanctions in general and for drug users in particular are encouraged by a.o. the Interministerial Conference Drugs. The prosecution or the judge has the option to propose (at the level of the OM) or impose (on the level of the court) an alternative sanction in certain circumstances (e.g. an adult, a maximum penalty of 5 years ...). The prosecution and the judge may also impose conditions which need to be or remain fulfilled. These conditions may be related to a.o. following a drug treatment. However, since a large number of homeless people, low-skilled or unemployed people are involved in drug-related crime, the criminal justice system can impose conditions related to employment, education and housing (whether with or without drug treatment).

Three pilot projects specifically aimed at drug users who committed crimes (excluding organized crime) were implemented in recent years in the criminal justice system, with the aim to link these people to treatment initiatives. These pilot projects are situated at prosecutor level in the judicial district of Liège ('Conseiller Stratégique Drogues') and Ghent ('Proefzorg'), and at the level of the court in the judicial district of Gent ('drug treatment rooms' of DBK ).